‘Hoe gaat het?’, ‘Hoe kom je de dag door?’, ‘Hoe pak je de draad weer op?’. Dat zijn de top 3 vragen van alle betrokken mensen die ik (en Jeroen) zo’n beetje krijg de afgelopen maand. Hoewel de belangstelling erg gewaardeerd wordt, vinden we het lastig om ze te beantwoorden. Want het gaat tot nu toe vooral slecht. Het gat dat Maxine heeft achter gelaten is enorm groot, koud en kil; want ons lieve, bijzondere, wijze en dappere meisje vulde ons huis met warmte, plezier en geluk en maakte ons gezin compleet. Alle eerste keren zonder haar zijn het moeilijkste; van de kleinste dingen zoals boodschappen doen bij de Jumbo tot het opzoeken van vrienden met een leeg stoeltje achterin de auto. Wat ook zeer doet is dat zij alles wat het leven te bieden heeft niet meer mee mag maken.
Zo liepen we met Amélie de avondvierdaagse. En hoewel ik ervan geniet dat onze oudste dochter ‘m uitloopt ben ik tegelijkertijd verdrietig dat Maxine dit nooit zal doen, terwijl ze zo van wandelen hield. Maar ook van een weeksluiting van Amélie op school kan ik volschieten, omdat zij nooit zo met andere kleutertjes zal staan zingen en dansen op vrijdagmiddag in de aula… ‘GVD, waar ben je nou?’, denk ik dan.

Met Maxine is ook een deel van mij gestorven en dat stuk is voorgoed zoek. Het is aan mij om me weer opnieuw uit te vinden, de relaties met mijn dierbaren, familie en vrienden opnieuw te verkennen en samen de kracht vinden om door te gaan.

Elke seconde denk ik aan Maxine en dan wordt het warm om mijn hart, maar bij het besef dat ze nooit meer terug komt breekt het vervolgens weer in tweeën. Die pijn sloopt me en vreet bakken met energie. Ik kan me niet voorstellen dat die pijn ooit minder wordt. Dat maakt me soms bang voor het leven. Want zin in het leven en geluk lijken mijlen ver weg en ik vraag me af of ik dat ooit weer ga ervaren, maar vooral wat de weg is daarnaartoe. Want de weg en mijn toekomstbeeld ben ik volkomen kwijt geraakt. Met Maxine is ook een deel van mij gestorven en dat stuk is voorgoed zoek. Het is aan mij om me weer opnieuw uit te vinden, de relaties met mijn dierbaren, familie en vrienden opnieuw te verkennen en samen de kracht vinden om door te gaan. Want diep in mijn hart wil ik ook verder in de hoop dat het leven ooit weer beter wordt, ook omdat ik dat aan Maxine verplicht ben.

Tsja, maar hoe? Een veelgehoorde uitspraak van mensen die rouwen is: ‘Raar, dat het leven toch weer door gaat’. Eerlijk gezegd ben ik daar blij om. Want het doorgaan van het leven zorgt ervoor dat er een of andere structuur is, dat er dingen te doen zijn, of dat er een doel is om naartoe te werken. Amélie heeft structuur nodig en dat is een welkome houvast. Dus ik kan het me niet veroorloven om elke dag met een delirium in bed te blijven liggen; al is die verleiding er wel…Maar nee, want elke dag als de wekker gaat is er een reden om op te staan; Amélie moet naar school, zwemles, ballet en vriendinnetjes worden gebracht én opgehaald, er moet (gezond) eten op tafel staan, de kleren gewassen en een schoon huis is ook wel zo prettig. Die dingen zorgen ervoor dat ik overeind blijf en een klein beetje energie vind om ook andere dingen te doen; lezen, schrijven, kleuren, een ontwerp maken voor de tuin, stukje hardlopen en een hapje en een drankje doen met fijne mensen, thuis of elders. Daarin is het ook zoeken naar evenwicht; twee dagen na de uitvaart het smartlappenfestival (De dag van het levenslied) over lopen was een beetje te hoog gegrepen. Maar eten, drinken en praten met anderen geeft de broodnodige afleiding en is meestal zelfs fijn. Dan is er gelegenheid om te praten over hoe het nu is en om keer op keer te vertellen hoe het ons de afgelopen periode is vergaan. Ik vind het fijn om te doen, vooral omdat het zo’n intense periode was en is en ik geen genoeg krijg van het praten over Maxine. Het lijkt ook wel een manier om alles wat er gebeurt is te verwerken, door telkens weer opnieuw te vertellen hoe ze haar ziekte heeft gedragen, hoe ze afscheid nam van het leven en van ons, hoe wij er een weg in proberen te vinden en hoe Amélie ermee om gaat. Naast familie en vrienden hebben we al veel mensen gesproken; collega’s, de huisarts, Jolanda de uitvaartverzorgster, Annet onze rouwbegeleidster, de mensen van het Radboud, de leidsters van het kinderdagverblijf. Elk gesprek is weer anders en levert weer iets op; een uitspraak die me bij blijft, een noemenswaardige knuffel, een wens of een doordenkvraag.

Het lijkt ook wel een manier om alles wat er gebeurt is te verwerken, door telkens weer opnieuw te vertellen hoe ze haar ziekte heeft gedragen, hoe ze afscheid nam van het leven en van ons, hoe wij er een weg in proberen te vinden en hoe Amélie ermee om gaat.

In elk gesprek komt Amélie uiteraard ook ter sprake. Iedereen is benieuwd hoe het met haar gaat na alles wat ze met haar zusje heeft meegemaakt. Voor zover we het kunnen inschatten gaat het, naar omstandigheden, goed met Amélie. Na de uitvaart was de meivakantie voorbij en ging ze terug naar school. De eerste twee weken stak ze elke dag kaarsjes aan in de klas. Alle kinderen deden dan de ogen dicht om even aan Maxine te denken. Ook is er een hoekje voor Maxine in de klas met fotootjes en tekeningen van de kinderen, zodat ze daarnaar kan kijken als ze er behoefte aan heeft. Ook vertelde Amélie, aan de hand van vragen, wat er allemaal gebeurd was met haar zusje. Zelf vindt ze het soms lastig om erover te vertellen, maar de kinderen die ze goed kent helpen er dan bij. Verder heeft ze het er niet veel over op school, want ze wil dat het daar zo normaal mogelijk is. Net zoals ze weer gewoon afspreekt met vriendinnetjes, naar ballet- en zwemles gaat en langzaam went op de BSO. Thuis praat ze regelmatig over Maxine; ze haalt (vooral grappige en ondeugende) herinneringen op over haar zusje, zegt dat Maxine de liefste was of stelt (technische) vragen. Zo vraagt ze of Maxine haar hand nog heeft gevoeld voordat ze overleed, of dat ze nu een skelet is en of ik nou meer van haar houd dan van Maxine nu haar urn weer thuis is gekomen…. Uiteraard laat ik dan weten dat ik van allebei zielsveel houd en dat dat altijd zo zal blijven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *